Figuur ergonomie

ERGONOMIE site.be

informatie en onderzoek over ergonomie

 

 

RULA

 


 

RULA (Rapid Upper Limb Assessment) is een screening methode om risicofactoren bij een specifieke arbeidstaak te evalueren. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, wordt er naast schouder, elleboog en pols ook rekening gehouden met de houdingen van nek, romp en onderste ledematen. Elke risicofactor draagt bij tot de globale score waarbij follow-up acties gesuggereerd worden. De methode kan men manueel of online uitvoeren.

 

Voor elk gewricht kan men de overeenstemmende werkhouding aanduiden op de website.

 
In een eerste stap wordt de houding van de arm geëvalueerd voor de verschillende gewrichten. Dit totaal wordt opgeteld met een spier- en krachtscore voor de armen. Hetzelfde wordt doorlopen voor de nek, romp en benen. De combinatie van bovenste en onderste ledematen resulteert in een totaalscore van 1 tot 7. Hiermee komen volgende actiecategorieën overeen:

 

Groen
1 - 2
Aanvaardbaar
Groen
3 - 4
Verder onderzoek nodig
Geel
5 - 6
Aanpassingen op korte termijn nodig
Rood
7
Onmiddellijk verbeteren

 

Tijdens een werkcyclus komen uiteraard verschillende houdingen en bewegingen voor. De RULA methode analyseert slechts één momentopname hiervan, namelijk de minst goede. De linker en rechter arm zullen vaak ook verschillende handelingen uitvoeren. Daarom wordt voor elke arm apart een score berekend.

 

Voorbeeld:

 

In stap 1 van de RULA methode wordt gekeken naar de positie van de bovenarm. De rechter arm bevindt zich op de figuur op schouderhoogte (score 3). De schouder is bovendien opgetrokken, waardoor +1 wordt bijgerekend als extra belasting. Vermits de elleboog een hoek van kleiner dan 90° maakt, komt hier score 2 mee overeen. Vermits de operator voor zijn lichaam werkt, wordt geen toeslag aangerekend. De pols maakt een lichte buiging en een duidelijke ulnaire deviatie (2 + 1). Een draaiing in de pols is niet vereist (1). Na het beoordelen van de houdingen in de combinatietabel wordt het spiergebruik beoordeeld. Vermits de handeling minder dan vier keer per minuut gebeurt, is dit niet repetitief. Om de bekleding aan te drukken, is wel een redelijke kracht nodig. Deze wordt beoordeeld tussen 2 en 10 kg drukkracht (1).

 

Hetzelfde stramien wordt herhaald voor de nek, rug en benen. Door het omhoog kijken met het hoofd, wordt dit zwaar aangerekend. De rug is recht en de benen ondersteund. Deze houding (5) moet niet langer dan een minuut aangehouden (0) worden en de kracht is laag (0).

 

Tot slot zoekt men in een combinatietabel de totaalscore op. In dit voorbeeld is dat 6. Er is verder onderzoek nodig en aanpassingen zijn op korte termijn aanbevolen. De meest belastende houdingen zijn hier het werken op schouderhoogte en het steeds opwaarts moeten kijken.

 

 


Overzicht - 3D SSPP - Accelerometer - EAWS - EMG - FIFARIM - Hartslag - HARM - KIM - MAC - MDD - multiNIOSH - NIOSH - OCRA - OWAS - RULA - QEC - Snook - Strain Index - Stari

 

 

© 2006-2017 www.ergonomiesite.be - Mailen naar Roeland Motmans